Eindejaarstips 2014

Geplaatst door Peter Kuijer op maandag 1 december 2014 in Administratie

Benieuwd naar onze eindejaarstips 2014? Wij hebben er een aantal voor u op een rijtje gezet!

Tips voor belastingplichtingen

1. Betaal uw lijfrentepremie op tijd

Premies voor een lijfrenteverzekering of stortingen op een lijfrentespaarrekening of beleggingsrecht zijn in 2014 aftrekbaar als u in het voorafgaande jaar en/of de voorafgaande zeven jaren niet voldoende pensioen heeft opgebouwd. Dit wordt bepaald aan de hand van de jaarruimte of reserveringsruimte. Verder geldt dat lijfrentepremies in 2014 alleen aftrekbaar zijnals u ze ook in 2014 betaalt! Doet u dit niet, dan kunt u de lijfrentepremie niet in uw aangifte 2014 in aftrek brengen. Voor ondernemers die in 2014 een onderneming of zelfstandig onderdeel van een onderneming staken, geldt een uitzondering op de regel dat lijfrentepremies alleen aftrekbaar zijn als zij ook daadwerkelijk in dat jaar betaald zijn. Staakt u als ondernemer uw onderneming in 2014 en zet u de stakingswinst vóór 1 juli 2015 om in een lijfrente, dan is de premie aftrekbaar in 2014 mits u deze in de eerste zes maanden van volgend jaar betaalt. Datzelfde geldt voor de omzetting van de oudedagsreserve in een lijfrente.

2. Verlaag het vermogen in box 3

Nu de spaarrentes historisch laag staan, vraagt u zich misschien af hoe u de belastingheffing over uw vermogen kunt beperken. Maak gebruik van de vrijstellingen en doe dat nog voor 1 januari 2015, de waardepeildatum voor de vermogensrendementsheffing voor het belastingjaar 2015. Spaartegoeden en beleggingen moet u opgeven in box 3. Belegt u in groene projecten, dan heeft u een vrijstelling in box 3 van maximaal € 56.420 (€ 112.840 voor partners gezamenlijk). Bovendien heeft u nog recht op een heffingskorting van 0,7% (2014) van het vrijgestelde bedrag in box 3. Een andere manier om uw vermogen in box 3 buiten de heffing te houden, is het investeren in kunstvoorwerpen die niet hoofdzakelijk ter belegging dienen. Ook blijken zonnepanelen vaak een hoger rendement op te leveren dan de spaarrekening. Door aanschaf van zonnepanelen voor de eigen woning wordt vermogen dat is belast in box 3 omgezet in zonnepanelen die niet in box 3 hoeven te worden aangegeven.

3. Voorkom belastingrente: verzoek eventueel om een aanvullende voorlopige aanslag

Voor zo’n vijf tot zes miljoen mensen zal de belastingaanslag 2014 waarschijnlijk hoger uitvallen dan verwacht. De algemene heffingskorting is dit jaar inkomensafhankelijk geworden en de Belastingdienst heeft hiermee in de systemen niet op tijd rekening kunnen houden. Verwacht u dat uw voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2014 te laag is en dat u over 2014 moet bijbetalen? Voorkom dat u belastingrente moet betalen. Dien tijdig de aangifte inkomstenbelasting in, dat wil zeggen vóór 1 april 2015. Zijn nog niet alle gegevens gereed, verzoek dan tijdig om een nadere voorlopige aanslag, maar in ieder geval vóór 1 mei 2015. 

Tips voor ondernemers en rechtspersonen

1. Extra voordeel voor de ‘bewuste’ ondernemer

Investeert u in bedrijfsmiddelen die voorkomen op de zogenoemde energielijst of milieulijst, dan komt u naast de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek mogelijk ook in aanmerking voor de energie-investeringsaftrek (EIA) of de milieu-investeringsaftrek (MIA) en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Het minimuminvesteringsbedrag voor de EIA en de MIA/Vamil is € 2.500. Het maximuminvesteringsbedrag voor de EIA is € 118 mln.

2. Voorkom bijbetaling van belasting

Met het einde van het jaar in zicht, kunt u uw winst over 2014 redelijk goed inschatten. In de voorlopige aanslag die u aan het begin van het jaar van de Belastingdienst heeft ontvangen, kan de winst mogelijk te hoog of te laag zijn vastgesteld. Check daarom samen met PEKA de voorlopige aanslag en voorkom dat u te weinig of te veel belasting betaalt. Vraag – indien nodig – de Belastingdienst om een (nadere) voorlopige aanslag. Zo voorkomt u tevens dat u onnodig belastingrente betaalt als de winst hoger uitvalt dan in eerste instantie verwacht.

3. Benut de herinvesteringsreserve

Heeft u dit jaar een bedrijfsmiddel verkocht en daarbij boekwinst behaald, dan kunt u de belastingheffing hierover uitstellen door de boekwinst te reserveren in een herinvesteringsreserve. U moet dan wel een vervangingsvoornemen hebben. De herinvesteringstermijn bedraagt maximaal drie jaar na het jaar waarin u het bedrijfsmiddel heeft verkocht. Investeert u binnen deze termijn in een ander bedrijfsmiddel, dan boekt u de reserve af op de aanschafprijs van het nieuwe bedrijfsmiddel.

Tips voor de ondernemer in de inkomstenbelasting

1. Houd uren bij voor het urencriterium

Wilt u profiteren van een aantal aantrekkelijke ondernemersfaciliteiten, zoals de zelfstandigenaftrek, de startersaftrek voor beginnende ondernemers en de meewerkaftrek, dan zult u moeten voldoen aan het urencriterium. Oftewel, u moet elk jaar minimaal 1.225 uren werken aan, in en voor uw bedrijf (bedrijven). Bent u niet alleen ondernemer maar bijvoorbeeld ook werknemer, dan zit er een addertje onder het gras. U moet namelijk meer dan de helft van de tijd aan uw bedrijf besteden. Vergeet dus niet uw uren te administreren. Zo kunt u bij vragen of controle van de Belastingdienst in ieder geval aantonen dat u aan het urencriterium voldoet.

2. Laatste btw-aangifte: vergeet niet het privégebruik bedrijfsauto

Gebruikt u als ondernemer de auto van de zaak ook privé, dan moet u voor de btw met dit privégebruik rekening houden. De eventueel verschuldigde btw geeft u aan en betaalt u bij de laatste btw-aangifte van het jaar.  De regel is als volgt. Gebruikt u de auto van de zaak ook privé, dan kunt u de btw op de aanschaf, eventuele leasekosten, het onderhoud en het gebruik aftrekken voor zover u de auto gebruikt voor belaste omzet. Omdat u de auto ook privé gebruikt, moet u over het privégebruik btw betalen. U kunt daarvoor gebruikmaken van een forfaitaire regeling. Voor de btw-heffing over het privégebruik gaat u dan uit van 2,7% van de catalogusprijs van de auto, inclusief btw en bpm.

3. Wisselende inkomsten? Middeling biedt uitkomst

Ondernemers hebben vaak te maken met ‘schommelende’ winsten. Heeft u de afgelopen jaren sterk wisselende inkomsten in box 1 van de inkomstenbelasting gehad, dan heeft u waarschijnlijk meer belasting betaald dan wanneer de inkomsten gelijkmatig waren geweest. Door over een periode van drie aaneengesloten kalenderjaren uit te gaan van de gemiddelde inkomsten, kan middeling in een aantal gevallen leiden tot een teruggaaf van te veel betaalde belasting. Er geldt een drempel van € 545. Een verzoek om middeling moet schriftelijk worden ingediend bij de Belastingdienst, inclusief een berekening van de middelingsteruggaaf. 

Tips voor de bv en de dga

1. Dividend en verkoopwinst aanmerkelijk belang in 2014 belast tegen lager tarief

Het belastingtarief voor inkomen uit aanmerkelijk belang is alleen in 2014 verlaagd van 25% naar 22%, tot een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van € 250.000. De belastingbesparing over dividend uit de bv en winst bij verkoop van de aandelen kan oplopen tot € 7500. Fiscale partners die het hele jaar elkaars fiscale partners zijn, kunnen het inkomen uit aanmerkelijk belang verdelen, zodat ieder € 250.000 inkomen uit aanmerkelijk belang heeft. Het gezamenlijke belastingvoordeel kan dan oplopen tot € 15.000.

2. Uw pensioen-bv in zwaar weer? Stempel eenmalig af

Veel pensioenen in eigen beheer zijn (ernstig) ondergedekt, bijvoorbeeld door jarenlange tegenvallende beleggings- en ondernemingsresultaten. De opgebouwde pensioenaanspraken in eigen beheer mogen in dat geval echter niet zomaar zonder fiscale gevolgen worden verminderd. Als er echter sprake is van een onderdekking (dekkingsgraad minder dan 75%) door reële beleggings- en ondernemingsverliezen, dan is het mogelijk om toch op de pensioeningangsdatum eenmalig een vermindering van de pensioenaanspraken toe te passen. De voorwaarden zijn streng. Zo mag bijvoorbeeld de te lage dekkingsgraad niet zijn ontstaan doordat uw bv aan u dividenduitkeringen heeft verricht.

3. Laat u niet verrassen door een kortere deponeringstermijn

De jaarrekening van de bv moet ieder jaar worden gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel. De maximale deponeringstermijn is dertien maanden na afloop van het boekjaar. Bent u echter directeur en enig aandeelhouder, dan geldt voor u mogelijk een kortere deponeringstermijn. Dat heeft te maken met de vereenvoudigde vaststelling van de jaarrekening van de bv als alle aandeelhouders tevens bestuurder zijn van de bv. De ondertekening van de jaarrekening geldt dan direct als vaststellingsmoment. Tenzij deze werkwijze in de statuten is uitgesloten, gaat de wettelijke deponeringstermijn van acht dagen direct in zodra u uw handtekening onder de jaarrekening zet. Laat u hierdoor niet verrassen en zorg ervoor dat de jaarrekening 2013 van uw bv uiterlijk op 8 december aanstaande bij de Kamer van Koophandel is gedeponeerd.

Tips voor werkgevers

1. Overstappen op de werkkostenregeling: bent u er klaar voor?

Er is geen ontkomen meer aan. Per 1 januari 2015 is de werkkostenregeling voor iedere werkgever verplicht. Bent u nog niet overgestapt, dan is het nu de hoogste tijd om in actie te komen. Verdiep u in de werkkostenregeling, want de overstap vergt nogal wat voorbereiding.

Voor meer informatie zie: http://www.peka-management.nl/nieuws/loonadministratie-nieuws/34-werkkostenregeling 

2. Pas de pensioenregeling van uw werknemers aan

Met ingang van 1 januari 2015 wordt de jaarlijkse pensioenopbouw verder aangescherpt. Zo gaat het maximale opbouwpercentage voor middelloonregelingen omlaag van 2,15% naar 1,875% en geldt voor pensioen op eindloonbasis een maximaal opbouwpercentage van 1,657% (2014: 1,9%) per dienstjaar. Een soortgelijke aanpassing vindt ook plaats voor beschikbare premieregelingen. Het maximale salaris waarover pensioen mag worden opgebouwd, wordt beperkt tot € 100.000. De nieuwe pensioenaanscherpingen vanaf 2015 betekenen dat bestaande pensioentoezeggingen moeten worden aangepast. Deze moeten namelijk wel binnen de fiscale kaders blijven. Overleg daarom op tijd met de pensioenuitvoerder (pensioenfonds of pensioenverzekeraar) bij wie de pensioenregeling van uw werknemers is ondergebracht, of aanpassing van het pensioenreglement wenselijk dan wel noodzakelijk is en wat de gevolgen hiervan zijn. Het kan zijn dat uw werknemers formeel akkoord moeten gaan met een wijziging van het pensioenreglement. Bovendien moet u er als werkgever op toezien dat de pensioenuitvoerder uw werknemers tijdig inlicht over een wijziging van de pensioenovereenkomst (binnen drie maanden na de wijziging).

3. Proeftijd aan banden

Vanaf 1 januari 2015 is het uit den boze om in tijdelijke arbeidscontracten van zes maanden of minder een proeftijd op te nemen. Ook in een aansluitend contract mag geen proeftijd meer worden opgenomen. Afwijking van deze hoofdregel is alleen mogelijk als in een bestaande cao nog een proeftijd wordt bedongen. Nieuwe regels gelden dan uiterlijk over anderhalf jaar, dan wel eerder als de bestaande cao afloopt. Maak als werkgever dus de afweging of u een toekomstig werknemer een contract van zes maanden (of korter) zonder proeftijd aanbiedt of een langer contract met proeftijd.

Tips voor de automobilist

1. Investeer nog dit jaar in een milieuvriendelijke auto

Vanaf 2015 zouden de autobelastingen ingrijpend worden gewijzigd. Het kabinet heeft echter de Autobrief waarin de maatregelen zouden worden aangekondigd, uitgesteld tot medio 2015. Inmiddels zijn al wel veranderingen voor 2016 aangekondigd. Bijtellingsgrenzen worden aangescherpt en bijtellingscategorieën wijzigen. De bijtellingscategorie van 7% wordt afschaft. Hoe milieuvriendelijker, hoe lager de bijtelling. Hoeveel de bijtelling precies is, hangt af van de CO2-uitstoot van de auto, de brandstof en het moment waarop voor het eerst een kenteken is afgegeven voor de auto. Elk jaar worden de normen strenger. Hoeveel bijtelling u moet betalen, hangt af van de periode wanneer voor het eerst een kenteken is afgegeven.

2. Voorkom bijtelling met rittenregistratie

Heeft u liever geen bijtelling voor de auto van de zaak? Dat kan, maar dan mag u op jaarbasis niet meer dan 500 km privé rijden. U kunt dit aantonen met bijvoorbeeld een rittenregistratie. In de rittenregistratie moet u niet alleen een aantal basisgegevens vermelden, maar ook de gegevens per rit. Gebruik het model dat de Belastingdienst voorschrijft om ervan verzekerd te zijn dat u de juiste gegevens registreert.

3. De klassieker in de stalling

Oldtimers vanaf 40 jaar en ouder zijn vanaf 2014 vrijgesteld voor de motorrijtuigenbelasting (mrb). Een jongere klassieke benzineauto vanaf 26 jaar en niet ouder dan 40 jaar valt in het kwarttarief in de mrb (maximaal € 120 per kalenderjaar), als u met de auto in de maanden december tot en met februari geen gebruikmaakt van de openbare weg.

Tips voor de woningeigenaar

1. Rente op restschuld langer aftrekbaar

Verkoopt u uw woning en blijft u met een restschuld zitten, dan komt de overheid u tegemoet. De rente die u betaalt op een restschuld die is ontstaan tussen 29 oktober 2012 en 31 december 2017, kunt u onder voorwaarden nog in aftrek blijven brengen. De maximale periode voor aftrek van rente op restschulden wordt per 2015 zelfs verlengd van tien naar vijftien jaar.

2. Stel verbouwplannen niet langer uit

Heeft u verbouwplannen wacht dan niet langer. U kunt namelijk nu nog profiteren van het lage btw-tarief van 6% dat tijdelijk geldt op arbeidskosten bij verbouwing of renovatie van een bestaande woning (ouder dan twee jaar). Dit tijdelijk lage btw-tarief loopt nog tot 1 juli 2015. Daarna betaalt u weer 21% btw op de arbeidskosten. Zorg er wel voor dat de verbouwing of renovatie van uw woning is afgerond vóór 1 juli 2015. Ontvangt u van de aannemer deelfacturen en is de dienst pas klaar na die datum, dan bent u namelijk 21% btw verschuldigd over de hele verbouwing of renovatie aan uw woning.

3. Betaal hypotheekrente t/m juni 2015 vooruit in 2014

U kunt de hypotheekrente over het eerste halfjaar van 2015 vooruitbetalen in 2014 en in 2014 in aftrek brengen. Dat kan een belastingvoordeel opleveren als uw inkomen in 2014 hoger is dan in 2015. Als uw inkomen tegen het hoogste tarief wordt belast, profiteert u bovendien van een lagere beperking van de hypotheekrenteaftrek. De hypotheekrenteaftrek in de hoogste tariefschijf wordt namelijk jaarlijks met een half procent beperkt. In 2014 is uw belastingvoordeel dan 51,5%, een half procentje meer dan het belastingvoordeel in 2015.

Bekijk onze privacy verklaring om te zien hoe we met je persoonlijke gegevens omgaan.

Powered by ChronoForms - ChronoEngine.com

Contactgegevens

PEKA Management B.V.
Keulenaar 30 
3961 NM Wijk bij Duurstede
T +31 (0) 343 - 411 780
E Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Exact certificate